De Staringgroeve
![]() |
Geologische periode: Krijt, Hauterivien

Losser is een van de weinige plekken in Nederland waar vast gesteente relatief dicht aan de oppervlakte komt en ook ontsloten is. Dit gesteente, de Losserse zandsteen, is gevormd in een geologische periode die we het Krijt noemen. Dit is ongeveer 130 miljoen jaar geleden.
Even over de Duitse grens rijzen zandstenen heuvels uit het landschap omhoog. Dit zijn de heuvels waarop Gildehaus en Bad Bentheim zijn gebouwd. Deze zandsteen is de Gildehauser en Bentheimer zandsteen.
De ontsluiting van de Losserse zandsteen stamt uit de 19e eeuw. Op de Losserse es lagen brokken gele zandsteen. Bepaalde vormen van zandsteen kunnen dienen als kalkrijke bemesting voor de landbouwgronden. Om na te gaan of dit in Losser ook het geval was, heeft de toenmalige burgemeester Eekhout opdracht gegeven om proefboringen uit te voeren naar deze zandsteen. In dezelfde periode deed de bekende Nederlandse geoloog W.C.H Staring onderzoek naar de geologie van Twente, en dus ook Losser. Hij had al snel door dat de Losserse es hoorde bij de andere twee zandsteen heuvels in het omringende landschap.
“Op den Losserschen esch staande en, over de voormalige veen henen, op Gildehaus ziende, voelt men zich gedrongen om beide deze hoogten te vergelijken met twee in zee vooruitstekende kapen.” (Citaat Staring)
De eerste proefboring mislukte, omdat de put telkens volliep met water. De tweede boring had meer succes en op 10 meter diepte werd zandsteen aangetroffen. De exploitatie hiervan bleek echter niet rendabel en de boorput werd weer dichtgegooid.
In 1965 wilde de gemeente Losser op de Losserse es een woonwijk bouwen. Dit bracht de Losserse amateur-geoloog W.F. Anderson op het idee om de zandsteen op de es opnieuw te ontsluiten. Samen met een groep amateur-geologen werd gegraven naar de zandsteen. Dit keer werd al op 4 meter diepte de zandsteen aangetroffen. De gemeente legde om de groeve, die werd genoemd naar de geoloog Staring, een plantsoen aan en plaatste bij de ingang een borstbeeld van Staring.
De zandsteen bleek erg rijk aan fossielen. Er zijn resten gevonden van diverse soorten tweekleppigen, zee-egels, haaien, zeelelies, kreeften en ammonieten. Ook is er fossiel coniferenhout gevonden met daarop boormosselen. Dit geeft aan dat de kust in deze tijd niet ver weg was. (Lees ook “Het klimaat gedurende het Hauterivien”)
Een groot deel van deze fossielen is bij elkaar gebracht
door de heer Anderson. Deze collectie wordt nu beheerd door de door hem daarvoor
opgerichte stichting Staringmonument. De fossielen zijn te bezichtigen in de
historische boerderij “Erve Kraesgenberg”.
Om een deel van de fossielen te bekijken klik
hier.
Het is mogelijk de groeve te bezoeken op afspraak.
Zie hier een afbeelding van het
informatiebord zoals het bij de groeve hangt.
Foto genomen bij het uitgraven van de groeve. In het
midden de heer Anderson.

Stichting Staringmonument
Om de Staringgroeve in stand te houden is Stichting Staringmonument opgericht. De stichting heeft ten doel de instandhouding en bevordering van de wetenschappelijke waarde van het Staringmonument te Losser.
Tevens heeft de Stichting de verantwoordelijkheid over de collectie fossielen en andere geologische vondsten uit de groeve en de daar bij behorende documentatie. De Stichting heeft als taken:
A. De instandhouding en zo mogelijk uitbreiden van het
Staringmonument.
B. Het zo mogelijk bevorderen van het wetenschappelijk
onderzoek aan en deskundige exploitatie van de Staringgroeve.
C. Het binnen
redelijke en tijdsgebonden omstandigheden toegankelijk maken van het Staringmonument voor belangstellenden.
D. Bevorderen van de palaeontologie, de
palacobotanie en de sedimentologie, in het bijzonder met betrekking tot het
Onderkrijt.
De stichting is gehuisvest in de monumentale boerderij “Erve Kraesgenberg”, waar ook de geologische vondsten te bezichtigen zijn.